|

|
|
Pr.Margrietlaan
31
1421 XE Uithoorn, Holland
0297-569554
|
|
|
Frank
Benner
Uithoorn
pianotechniek
|
|
|
|
|
|
|
|
[home]
[pagina:][1][2][3][4][5][6][7][8][9][10][11][12][13][14][15][16][17][18][19][20][21][22][23][24]
|
|
|
|
|
|
|
|
Alle piano's zijn verschillend
Alle piano's zijn verschillend, ook alle mensen en bedrijven waar
wij voor werken zijn verschillend en vooral alle reparaties die wij
doen zijn iedere keer weer anders:
Soms werken we
aan een vleugel voor een bedrijf dat liefdevol oude instrumenten
restaureert.
We nemen dan het mechaniek en klavier mee naar onze werkplaats. Daar
doen we dan bijvoorbeeld de verkerning en
vervangen wat versleten of aangetast is.
We kunnen ook het loszittend of afgebroken ivoor repareren
en zorgen dat het mechaniek weer lekker licht loopt.
Zonodig worden de versleten hamerkoppen vervangen of wordt er nieuw
vilt op de dempers gelijmd.
Als alles weer teruggebouwd en gereguleerd is, speelt de vleugel weer
helemaal als nieuw, zonder dat het karakter van het oude instrument
aangetast is.
Soms werken
we een paar dagen aan een piano in een muziekschool voor een pianostemmer
die niet in de gelegenheid is om dat zelf te doen.
We doen dan de hoognodige reparaties en verhelpen ongemakken zoals piepende
pedalen.
Soms knappen
we de piano op van iemand die er erg aan gehecht is.
De kosten zullen dan misschien de eventuele waarde overtreffen, maar
het is de moeite waard omdat zo'n instrument natuurlijk onvervangbaar
is.
We kunnen de piano dan helemaal onder handen nemen.
Dat kan bijvoorbeeld betekenen eventuele scheuren in de zangbodem repareren, een nieuwe
besnaring uitrekenen en er op zetten en natuurlijk
mechaniek en klavier reviseren.
Altijd zullen
we het bespreken als we vinden dat een instrument een reparatie
niet meer waard is.
Soms werken
we de hele week in een conservatorium om al die piano's en vleugels
te onderhouden en af te regelen.
Soms zitten
we eenzaam ergens in een donker hoekje onder een concertpodium om
de intensief gebruikte vleugels weer speelbaar te maken.
Soms gaan we
een dagje afregelen om een mooie vleugel nog beter spelend te maken.
Altijd vinden
we het leuk om al die verschillende reparaties weer tot een goed
einde te brengen, want het is altijd weer verrassend wat er uit een
piano tevoorschijn kan komen.
Hieronder
kunt u verder kijken voor nadere uitleg over verschillende werkzaamheden.
|
|
|
Onderwerpen, klik
aan:
> Aanspreekbaarheid
> Intonatie
> Inharmoniciteit
> Ivoorrestauratie
> Wat zit er in mijn
oude piano?
> Hoe werkt een Pianola?
> Trillende snaren
> Piano's vervoeren
is specialistenwerk
> Verkernen
> Variatie in de klank
> De vrijheid van
de pianorestaurateur

|
|
|
|
|
|
|
|

Aanspreekbaarheid
De
aanspreekbaarheid van het instrument is in hoge mate bepalend voor het
plezier dat de pianist heeft van zijn piano.
De muziek die gespeeld wordt, moet klinken zoals de pianist het bedoeld
heeft.
Ook al is de kwaliteit van de piano nog zó goed, als de afregeling
van het mechaniek niet goed is, dan zal niet alleen de speelaard, maar
ook de klank tegenvallen.
terug
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|

Intonatie
Het intoneren is wat betreft de klank, de eindafwerking van een piano
of vleugel.
Nadat een instrument perfect is afgeregeld en gestemd, worden de hamerkoppen
met intoneernaalden bewerkt.
De houten kernen van de hamerkoppen worden in de fabriek omspannen met
een dikke laag geperst vilt.
De spanning en materiaalkeuze van het vilt bepalen de hardheid en elasticiteit
van de hamerkop.
Door met intoneernaalden op bepaalde plaatsen in het vilt te prikken,
verandert de hardheid en elasticiteit van de hamerkop.
Als het vilt op
de kop van de hamer wordt doorgesneden, wordt duidelijk hoe groot de
spanning, die op het vilt staat, is.
Met intoneren is het niet alleen mogelijk onderlinge klankverschillen
tussen hamerkoppen te egaliseren, het is ook mogelijk de totale klank
van een instrument aan te passen.
terug
|
|
|


Als het vilt
op de kop van de hamer wordt doorgesneden, wordt duidelijk hoe
groot de spanning, die op het vilt staat, is. |
|
|
|
|
|
|
|

Inharmoniciteit
Iedere noot die
we laten klinken op een piano bestaat uit een grondtoon en een aantal
boventonen.
Kort gezegd is de inharmoniciteit van een snaar de afwijking van de
verschillende boventonen ten opzichte van elkaar en van de grondtoon
van die snaar.
Als de grondtoon bijvoorbeeld 440Hz is, dan is de eerste boventoon 880Hz.
Als die eerste boventoon niet precies 880Hz is, maar bijvoorbeeld 880.4Hz
spreken we van inharmoniciteit.
De inharmoniciteit wordt bepaald
door
de stijfheid van de snaar
Hoe stijver de snaar, hoe hoger de inharmoniciteit.
Een korte dikke snaar is veel stijver dan een lange dunne snaar die
de zelfde toon moet laten klinken.
De inharmoniciteit van de bas van een concertvleugel is, omdat de snaren
veel langer en dunner zijn, veel lager dan die van een kleine vleugel.
De grondtonen van
de laagste bassnaren kunnen we meestal niet horen, deels omdat die tonen
op de rand van het menselijk gehoor liggen, maar voornamelijk omdat
de zangbodem niet goed in staat is die tonen door te geven.
Zelfs over een kleine
transistorradio, die lage frequenties helemaal niet doorgeeft, kunnen
we toch prima het verschil horen tussen een groot en een klein instrument.
Ons oor is gewend om uit de verschillende boventonen een grondtoon te
reconstrueren.
Ook neemt het oor de inharmoniciteit prima waar.
De mate van inharmoniciteit vertelt ons oor of we met een concertvleugel
of een klein instrument te maken hebben
.
Wat vinden we
dan 'mooi'?
Dat is natuurlijk
een kwestie van smaak, maar misschien ook gewenning.
Hele kleine instrumenten (hoge inharmoniciteit) vinden we vaak niet
mooi klinken.
Maar is een enorm groot instrument zoals de Klavins 370 dan mooi?
Dit instrument heeft een extreem lage inharmoniciteit en ook een enorm
grote zangbodem en kan dankzij die kolossale zangbodem waarschijnlijk
ook beter de lage tonen afstralen.
Toch moet je enorm wennen aan het geluid.
terug
|
|

Is de inharmoniciteit
van een instrument
te veranderen?
Veel pianobouwers
hebben in het begin proefondervindelijk de mensuur, dat is de lengte
en dikte van de snaren, voor hun instrumenten bepaald. Grote merken
hadden wat dat betreft natuurlijk veel meer ruimte om te experimenteren
dan kleine.
Kleine fabrikanten kopieerden vaak de mensuur van anderen.

Pas in de helft van de vorige eeuw is er een formule ontwikkeld waarmee
de inharmoniciteit
berekend kon worden.

Bij de restauratie van instrumenten is het niet mogelijk de snaarlengte
te veranderen, maar door het aanpassen van de diktes van staal en koper
is het mogelijk de klank en stembaarheid van een instrument aanzienlijk
te verbeteren.

Voor het berekenen
van een besnaring gebruiken wij een computerprogramma dat ontwikkeld
is door Hans Velo uit Maartensdijk.
|
|
|
|
|
|
|
|

Ivoorrestauratie
Het eerste en belangrijkste
contact tussen bespeler en het intrument verloopt via de toetsen.
Het beroeren van die toetsen is daarmee een menselijke handeling die
een reeks technische bewegingen in het binnenste van de piano teweeg
brengt en die uiteindelijk de klank veroorzaakt.
Het is een subtiele verbinding tussen hand en oor.
Het is daarom dat
de toetsen bijna net zo sensitief moeten zijn als de huid van de vingers
van de pianist.
Aandacht voor het oppervlak van de toetsen is daarmee bijzonder belangrijk.
Ivoor als beleg voor de pianotoets heeft als belangrijkste eigenschap
dat het vocht opneemt.
Als je speelt voelt het daardoor prettiger aan dan kunststof.
Ondanks vele experimenten met verschillende kunststoffen of met bijvoorbeeld
been, is er jammer genoeg nog geen vervanger voor ivoor gevonden met
dezelfde eigenschappen.
Omdat ivoor niet
meer verhandeld mag worden, is het dus ook niet mogelijk om een nieuwe
piano met ivoren klavierbeleg te kopen.
Oude piano's kunnen nog wel ivoren toetsplaatjes hebben.
Helaas is er in het verleden het ivoor ook bij veel oude piano's vervangen
door kunststof.
Een beschadigd ivoren
klavier kan, mits het ivoor niet te dun is geworden prima gerestaureerd
worden.
Met technieken uit de tandheelkunde kunnen wij uitgebroken stukken ivoor
nagenoeg onzichtbaar vullen.
De beschadigde plek wordt met een tandartsboor geschikt gemaakt voor
verdere behandeling. (1)
Vervolgens wordt het oppervlak behandeld met verschillende chemicaliën
(2)
Een speciaal composietmateriaal wordt aangebracht en met een UV-lamp
uitgehard (3)
Als laatste handeling wordt het ivoor geschuurd en gepolijst (4)
Loszittende ivoren toetsplaatjes worden met speciale lijm weer vastgelijmd.
Voor ontbrekende plaatjes zoeken we een vervangend (oud) plaatje.
Vervolgens wordt het ivoor voorzichtig geschuurd, indien nodig gebleekt
en vervolgens gepolijst.
terug
|
|
|


1.

2.

3.

4.
|
|
|
|
|
|
|
|

Wat zit er in mijn oude piano?
Het frame dat kan
barsten
De kast aangetast door vocht
De bovenhamers met mottig vilt
De onderhamers lopen zwaar
De toetsen met losgelaten ivoor
De zangbodem met scheuren
Het stemblok met hangende pennen
De pedalen die nodig gesmeerd moeten worden
De achterzijde waar houtworm in gaat zitten
Een verloren gewaande huissleutel
Keutels van inwonende muizen
Een vergeeld partituur, nooit meer gespeeld
Vergeten briefjes van duizend
terug
|
|

|
|
|
|
|
|
|
|

Trillende snaren
In het binnenste
van een piano zitten snaren.
Het is echter geen snaarinstrument, maar een toetsinstrument.
Een vinger raakt
de toets
de toets raakt het mechaniek
het mechaniek zet de hamer in beweging
de hamer raakt de snaar
de snaar trilt
de trillende
snaar raakt de kam
de kam zet de bodem in beweging
de toon raakt ons oor
Als alle snaren
in de piano even dik zouden zijn, dan zou de (klinkende) lengte bij
ieder octaaf dat we lager gaan 2x zo lang moeten zijn.
Als de hoogste A een lengte heeft van 5 cm, dan zou de laagste A een
lengte van 640 cm moeten hebben.
Een instrument met zulke lange snaren zou dan niet meer in ons huis
passen.
Daarom kiezen we kortere lengtes en maken de snaar steeds dikker.
In de bas wordt koper om de stalen snaar gewikkeld om voldoende massa
en een goede toon te krijgen.
De verdeling van
lengte en dikte van de snaren wordt mensuur genoemd
terug
|
|


|
|
|
|
|
|
|
|

Hoe werkt een pianola eigenlijk?
De pianola werkt
op een pneumatisch systeem waarbij een vacuüm opgewekt wordt door
balgen die met voetpedalen of door een elektrische motor aangedreven
worden.
Een papieren rol wordt over een metalen strip, waarin een rij gaten
zit, getrokken.In de papieren rol zijn gaten gestanst. Voor iedere toon
een gaatje.
In de modernere typen zijn er ook gaatjes voor de dynamiek en het gebruik
van de pedalen.
Ieder gaatje is verbonden met een ingenieus systeem van membramen en
kleppen. De lucht, gezogen door een gaatje in de pianolarol laat een
corresponderend membraam omhoog gaan. Deze zet een klep open waardoor
een balgje dichtklapt. Dit balgje zet het mechaniek van de betreffende
toon in beweging en de hamer raakt de snaar.
De snelheid waarmee de rol de gaatjes passeert bepaalt het tempo. Daarom
zijn er handels om de snelheid in te stellen. Het toonvolume wordt bepaald
door de kracht waarmee getrapt of aangedreven wordt.
Er bestaan bijzondere
pianolarollen, ingespeeld door beroemde componisten en pianisten.
De pianolarol maakte het mogelijk complete stukken integraal op te nemen
en weer te geven.
De 78 toeren plaat, toentertijd de enige alternatieve geluidsdrager,
bood die mogelijkheid, door zijn korte speelduur niet.
We kunnen nu op de pianola toch horen, hoe een componist als bijvoorbeeld
Rachmaninov zijn Prélude in G mineur zelf gespeeld heeft.
terug
|
|

|
|
|
|
|
|
|
|

Pianovervoer: specialistenwerk
Het verhaal van
Anna Enquist geeft prachtig weer hoe piano's en vleugels tegenwoordig
vervoerd worden. Gelukkig hebben we daar nu goede hulpmiddelen voor.
Vroeger ging dat natuurlijk anders, piano's en vleugels werden door
vier man met speciale singels de trap op gedragen. Dat was natuurlijk
erg zwaar werk, de Bechstein vleugel op het plaatje weegt zo'n 500 kg.
Pianovervoer is een vak; pianotransporteurs konden èn kunnen
dit werk allen maar doen omdat ze precies weten waar ze mee bezig zijn.
terug
|
|

|
|
|
|
|
|
|
|

Variatie in de klank
De traditionele
rol van de piano in een concert kent iedereen.
Bij het omzeilen van deze rol en het zoeken naar nieuwe middelen om
de relatie piano - orkest in te kleuren, wordt de componist geconfronteerd
met hetgeen níet kan op een piano:
het maken van een crescendo vanuit een enkele toon; een toon die wordt
aangezet en die vervolgens groeit.
Dat werd het uitgangspunt
voor een pianoconcert.
Het crescendo, volgend op de eerste noot, wordt gerealiseerd door zes
hoorns die de toon van de piano overnemen en daarmee als het ware de
klankkast van de piano vormen.
Dit idee van klankkast-werking wordt in een volgend stadium overgeheveld
naar het hele orkest.
Het gebruik van de piano als slaginstrument wordt daarbij niet geschuwd,
met uitzondering van het soms contemplatieve middendeel.
In het Pianoconcert is een principe terug te vinden:
het verkennen èn overschrijden van grenzen.
Dit wordt zelfs aanschouwelijk in het slot van het concert, wanneer
de laatste, hoogste noot van de piano, een c, met een stemsleutel tot
een fis wordt opgetrokken.
De spanning die dit oplevert voor de snaar en in de muzikale beleving,
culmineert met een enkele `zweepslag' in een abrupt slot van het concert.
Sommige componisten
schrijven in hun partituur nog veel meer variatie in klank voor dan
de piano of vleugel van zichzelf al te bieden heeft.
Dan moeten er allerlei aanpassingen aan het instrument gedaan worden,
zoals het plaatsen van schroeven, wasknijperhoutjes en stukken rubber
op strategische plekken tussen de snaren.
Soms wordt in plaats van de toets aan te slaan klank gemaakt door met
stokken op de snaren te trommelen of ze met de hand te tokkelen als
een gitaar of een harp.
De stemmer of pianotechnicus heeft hier gemengde gevoelens bij
..
terug
|
|

uit: Bildatlas zum
Lehrbuch des Pianofortebaues. Verlag E.Bochinsky, Frankfurt/Main.
|
|
|
|
|
|
|
|

Waar draait het om?
Ieder die hartstochtelijk
de toetsen van het pianoklavier indrukt verwacht de bijbehorende klanken
te horen.
De bespeler hoeft er niet over na te denken wat er binnen in het instrument
nodig is om die toon tevoorschijn te halen.
Dat is de zorg van de pianotechnicus die met verstand van zaken het
kwetsbare mechaniek draaiend houdt.
Verkernen

Op deze afbeelding
ziet u het mechaniek en de scharnierpunten
Het mechaniek van
een piano of vleugel heeft een groot aantal bewegende delen.
Als wij een toets indrukken zet die een onderhamer, een bovenhamer
én een demper in beweging.
Al deze bewegende delen hebben een eigen scharnierpunt.

Een deel van het
scharnier, het zogenoemde kapsel, zit vast.
Het andere deel moet kunnen draaien.
De scharnierstift, het kerntje, zit vastgeklemd in het hout van
het ene onderdeel en draait in het andere.
Het kerntje in het draaiende deel zit daarin niet vast, maar kan draaien
in een laken invoering.

Een vergroting van
een deel van het kapsel.
De invoering van rood laken en het kerntje is goed te zien.
Het gat in het hout van het kapsel is slechts 2.5 mm Ø, het kerntje
1.3 mm Ø
Deze techniek heeft
als voordeel dat het scharnier minuscule afmetingen heeft en over het
algemeen zeer duurzaam is.
Nadelen zijn er ook: slijtage veroorzaakt ongewenste speling van de
onderdelen.
Het kan ook
bijgeluiden veroorzaken.
De invoering is dan te ruim geworden en het mechaniekonderdeel tikt.
terug
|
|
Vocht en het gebruik
van smeermiddelen maken dat de asjes op den duur vast gaan lopen.
met als gevolg dat het mechaniek steeds trager reageert en de piano
daardoor zwaarder te bespelen is.
De piano moet zich steeds in het juiste klimaat bevinden en de scharnierpunten
mogen beslist niet gesmeerd worden. De zogenoemde verkerning
loopt dan vast.
Het is zelfs mogelijk dat het instrument dan helemaal niet meer te bespelen
is.
Het vervangen van alle vet geworden invoeringen is een kostbare zaak.
In die gevallen moet het mechaniek verkernd worden.
Het wordt gedemonteerd, de oude kerntjes worden stuk voor stuk uit het
hout gedrukt.
De laken invoering wordt met een speciaal vijltje ruimer gemaakt.
Daarna wordt er een nieuw, iets dikker, kerntje in het kapsel gedrukt.
Verkernen is een precies werkje want de nieuwe kern is slechts 0,025mm
dikker dan de oude.
Om een idee te krijgen
van de afmetingen van het scharnierpunt is er een luciferhoutje naast
gelegd
Het komt er op aan
om met het vijltje precies de juiste hoeveelheid van de invoering weg
te nemen.
Het is ook een tijdrovende klus omdat in een moderne piano ruim 330 kerntjes
zitten, en in een vleugel zelfs bijna 500!

Goed pianospelen
is een kwestie van hartstocht.
Goed met een piano omgaan kan alleen met verstand.
We denken dan aan iedereen die daar mee bezig is:
Mensen die piano's bouwen, restaureren, behouden en innoveren
|
|
|
|
|
|
|
|

De vrijheid
van de restaurateur
Hoeveel vrijheid
heb je als pianorestaurateur?
Ons inziens dient het oorspronkelijke ontwerp gerespecteerd te worden.
Zoveel mogelijk gebruik van oorspronkelijke materialen, zoals beenderlijm,
is vanzelfsprekend.
Alleen als het niet anders kan mag je daar van afwijken, waarbij onomkeerbare
veranderingen vermeden moeten worden.
terug
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|

|
|
|
|
|
|
|
|
|
|